Een liefdesnest van 50.000 jaar oud

Drie schedels uit de Manot grot in Israël, van links naar rechts een oude menselijke, een menselijke en een Neanderthaler schedel

Vorige week ging het in deze column over de ontdekking dat de moderne mens in zijn DNA nog altijd de sporen draagt van contacten met neanderthalers, dat wil zeggen: een vroege, maar inmiddels uitgestorven mensachtige. Dat de overblijfselen van neanderthalers nog altijd tot onze verbeelding spreken, is niet verwonderlijk. Hun aanwezigheid roept immers de nodige vragen op over waar wij zelf evolutionair vandaan komen. Ook zouden we graag willen weten waarom wij nog altijd bestaan, en de neanderthaler niet. Hoe is dat mogelijk? Zeker gezien het feit dat de neanderthaler een grotere hersen­inhoud had dan wij.

schedels

De schedel van de moderne mens versus die van de Neanderthaler

Wetenschappelijk onderzoek naar dit soort vragen is altijd moeilijk geweest, omdat de beschikbare gegevens beperkt zijn. Door toepassing van allerlei nieuwe analytische technieken komt onze kennis de laatste tijd wel in een stroomversnelling. Met name dit voorjaar buitelen de onderzoekers over elkaar heen met allerlei verrassende resultaten. Zo blijkt uit Duits onderzoek naar het DNA van vroege neanderthalers uit Noord-Spanje dat onze eigen verre voorouders en de neanderthalers zich waarschijnlijk zo’n 550.000 à 765.000 jaar geleden van een gemeenschappelijke voorouder hebben afgesplitst.

skelet

Het skele van een Neanderthaler en dat van de moderne mens (Homo sapiens)

Waarschijnlijk verschilde de leefwijze van beide soorten in de daaropvolgende periodes nauwelijks. Beide groepen overleefden als jagers en verzamelaars. Door een ander Duits onderzoek weten we wat die specifieke neanderthalerpopulatie at: vooral plantaardig voedsel, regelmatig aangevuld met vlees, met wolharige neushoorn en mammoet als favoriete hap.

BBC

Neanderthalers en mammoeten

Hoewel neanderthalers en de moderne mens zich lang volledig los van elkaar hebben ontwikkeld, blijkt dus uit ons eigen DNA dat er bij de verhuizing van de moderne mens van Afrika naar Europa toch weer incidenteel contact is geweest tussen beide groepen.

Toen vorig jaar in een grot in het noorden van Israël de schedels van een voorouder van de moderne mens werden aangetroffen naast die van neanderthalers, hadden de ontdekkers al snel een verklaring: deze 50.000 jaar oude grot zou een van de liefdesnestjes geweest zijn waar deze ongebruikelijke liefde tot bloei kwam. Dat bij de daaruit resulterende liefdesbaby’s niet alles op rolletjes liep, blijkt uit weer ander onderzoek, dat aantoont dat onze vrouwelijke voorouders mogelijk het Y-chromosoom van de neanderthalerman hebben afgestoten.

Manot1

De Manot grot in Galilea in Israël

Het uiteindelijke uitsterven van de Neanderthalers hing mogelijk ook met dit soort contacten samen. Zij waren machteloos tegen de tuberculose, herpes, lintwormen en maagzweren die de moderne mens uit Afrika met zich meenam.

Meer zien over DNA onderzoek en Neanderthalers? Kijk dan naar deze TED talk met Svente Pääbo: