Een graftombe zonder zeeman

Quintus Statius Rufus stierf op 38e jarige leeftijd na 18 jaar trouwe dienst op de Romeinse vloot, grafsteen tweede/derde eeuw, nu in het Nationaal Museum van Athene.  

In de aanloop naar de 75e herdenking van de Slag in de Javazee van 27 februari 1942, deed een internationaal duikteam eind vorig jaar een ontluisterende ontdekking: de wrakken van de lichte kruisers Hr. Ms. De Ruyter en Hr. Ms. Java bleken geheel en dat van de torpedobootjager Hr. Ms. Kortenaer waren goeddeels van de zeebodem verdwenen. Deze scheepsoverblijfselen, waarvan de ligging in 2002 bij toeval was ontdekt, hadden niet alleen historische maar vooral ook emotionele waarde. Ze markeerden immers het zeemansgraf van schout-bij-nacht Karel Doorman en van ruim 900 man Nederlands marinepersoneel en nog eens 250 Indisch-Nederlandse militairen.

De slag in de Java Zee, 27 februari 1942

De scheepsresten zijn vermoedelijk door Indonesische schroothandelaren gelicht en verkocht. Grafschennis is altijd een ernstige zaak. Maar de herinnering aan mensen die op zee en ver van hun geliefden spoorloos verdwijnen roept altijd extra emoties op. Als er geen resten kunnen worden geborgen, is het voor nabestaanden moeilijk om het rouwproces goed af te kunnen sluiten.

De Hr. Ms. Kortenaer, een van de nederlandse oorlogsbodems die van de zeebodem is verdwenen

Deze gevoelige kwesties spelen al vanaf het eerste moment dat de mens het ruime sop koos. Reeds in Homerus’ Ilias raadt de godin Athena de zoon van Odysseus, Telemachus, aan wat hij moet doen bij het bericht dat zijn vader ver van huis zou zijn gestorven: hij dient dan alsnog een grafheuvel op te richten. In hun latere geschiedenis hebben de oude Grieken, die echte zeevaarders waren, dit advies met regelmaat opgevolgd. Aldus ontwikkelden zij het concept van de cenotaaf, wat letterlijk ‘lege tombe’ betekent.

Telemachus en koning Nestor, Grieks aardewerk in de zogenaamde roodfigurige stijl 

Hoewel dergelijke tombes dus niet het lichaam van de overledene bevatten, leken ze verder in alles op gewone graven, inclusief grafinscripties en grafgiften. Aanleiding voor cenotafen was er genoeg, zoals toen de Atheners met hun indrukwekkende armada voor de poorten van het Siciliaanse Syracuse vernietigend werden verslagen, en er slechts een handjevol zeelieden naar huis kon terugkeren, zonder de lichamen van hun dode strijdmakkers.

Veel Atheense krijgsgevangen vonden in de nasleep van de expeditie de dood in de Siciliaanse mijnen

Toen in de Romeinse tijd de Middellands Zee een binnenzee was geworden, en er geen andere zeestrijdkrachten meer waren dan die van Rome zelf, liepen de bemanningen van de Romeinse marineschepen nog altijd het gevaar op zee om te komen. Uit hun grafinscripties blijkt dat ongeveer de helft van de zeelieden niet het einde haalde van hun maritieme diensttijd, die 26 jaar duurde. Des te meer hechtten zij eraan om goed herinnerd te worden, zoals Quintus Statius Rufus (zie foto), die aan de Golf van Napels gestationeerd was, maar wiens grafschrift nota bene in Griekenland is teruggevonden.

Romeinse oorlogschepen hielden zich in de tijd van de Pax Romana met name bezig met patrouilles en oefeningen

De meest indrukwekkende manier van gedenken is die van de oude Atheners. Zij riepen op het strand de namen van hen die op zee waren omgekomen drie keer uit, in de overtuiging dat ze op deze manier de zielen der overledenen naar huis terugbrachten.

Meer weten over de Slag in de Javazee en de verdwenen wrakken, bekijk dan de volgende documentaire (trailer):