De SUV uit vroeger tijden

Mozaïekvloer met afbeelding van twee jongetjes op de rug van een kameel, 5e-6e eeuw n. Chr., keizerlijk paleis te Constantinopel (Istanboel)

Onderzoekers in Europa en de VS boeken dezer dagen goede vorderingen bij hun zoektocht naar een vaccin tegen de infectieziekte MERS. MERS is het neefje het bekendere SARS. Beiden ziektes veroorzaken infecties aan de luchtwegen. Omdat MERS op de mens wordt overgedragen door dromedarissen, komt de ziekte vooralsnog vooral voor in het Midden-Oosten. Van de 2000 tot nu toe geïnfecteerde individuen, hebben 500 dat niet overleefd.

Mers

Besmetting met MERS gaat via de luchtwegen

Vanwege de herkomst is MERS dus voorlopig nog een uitheemse ziekte. Vanuit Europees perspectief behoren kameelachtigen bij uitstek tot de groep der exotische dieren. Wanneer archeologen in West-Europa de botten van dit soort beesten in hun opgravingen tegenkomen, raken ze terecht vaak in een staat van opperste vervoering.

Zo ook afgelopen april. Toen verscheen een gedetailleerde studie van een kameel-skelet dat tien jaar eerder in een kelder van de stad Tulln in Oostenrijk aan het daglicht was getreden. Het bleek te gaan om een zeven jaar oud, gecastreerd exemplaar dat waarschijnlijk was ingezet bij het roemruchte Ottomaanse beleg van Wenen in 1683. DNA-onderzoek toonde aan dat het bij deze vierpotige alleskunner ook nog eens om een hybride variant ging. Hij was namelijk de nakomeling van een één-bultige dromedaris-moeder en een twee-bultige, zogenaamde Bactrische kamelen-vader.

Kameel

Het skelet uit Tulln

Ondanks alle opwinding is de Oostenrijkse vondst bij lange na niet de eerste noch de oudste kameelachtige die ooit in onze streken is aangetroffen. Ten tijde van de Romeinen, toen Europa eeuwenlang een geopolitieke eenheid vormde, liepen er in West-Europa ook al regelmatig kamelen, dromedarissen en hun hybride broertjes en zusjes rond. Tot nu toe zijn er resten van 22 exemplaren teruggevonden, in een strook die loopt van Engeland via België, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland tot Hongarije aan toe.

Lamp

Nabateesche aardewerken lamp, in de vorm van een kameel

Dat deze kameelachtigen toen populair waren, was het gevolg van hun universele inzetbaarheid en hun welhaast onverwoestbare gestel. Ze werden gebruikt als ploegdieren en pakdieren. Vooral de hybride variant bleek een sterke sleper. Hun melk kon gedronken worden. Blijkens de slachtsporen op hun botten, werd ook hun vlees geconsumeerd. Als vecht –en racedieren werden ze ingezet bij het volksvermaak van de Romeinen. En ze bleken ook nog eens goed tegen de kou bestand. De kameelachtige van vroeger was dus niet alleen het schip van de woestijn. Het was toch vooral ook de duurzame SUV van de premoderne wereld.

Meer zien van de kameelachtige die in Tulln is opgegraven? Kijk dan naar dit korte fragment: