De koningin van de woestijn

Getrude Bell geflankeerd door Churchill (met zonnebril) en T.E. Lawrence, oftewel Lawrence of Arabia, 1921.

Vorige week ging het in deze column over Agatha Christie en de actieve rol die zij speelde bij de opgravingen van haar man, de archeoloog Max Mallowan. Opvallend genoeg was Christie niet de enige en ook niet de eerste vrouw die een rol van betekenis speelde in de archeologie van het Nabije Oosten.

Gertrude Bell tijdens haar bezoek aan de opgravingen bij Babylon, 1909

Onder de sterke vrouwen die deze tak van archeologie hielpen opbouwen, spreekt het leven Gertrude Bell (1868-1926) misschien wel het meest tot de verbeelding. Als oprichtster van het Baghdad Archaeological Museum (tegenwoordig het Nationaal Museum van Irak) en de British School of Archaeology in Iraq, ging zij de geschiedenis in als ‘de koningin van de woestijn,’ ‘de vrouwelijke Lawrence of Arabia’, en ook als ‘khatun’ – het vrouwelijke equivalent van khan.

Het Nationaal Archeologische Museum van Irak is inmiddels weer vrijwel volledig hersteld

Bell was een typisch product van de Britse upper class. Als dochter van een steenrijke vader reisde ze, na een studie geschiedenis in Oxford, twee keer de wereld rond. Ook maakte ze als onverschrokken bergbeklimster naam in de Berner Alpen. Een mislukte beklimming van de noordoostwand van de Finsteraarhorn wist ze te overleven, ondanks bevriezingsverschijnselen terwijl ze zich moest vasthouden aan een touw tijdens een sneeuwstorm die liefst 53 uur duurde.

De gevreesde noordwand van de Finsteraarhorn waar Bell een een sneeuwstorm overleefde

Dat Bell een ‘tough cookie’ was, bleek ook toen ze tijdens een tocht naar Teheran haar ware roeping vond. Onbevreesd reisde ze rond, dwars door woestijnen en onherbergzame gebieden, onderweg vriendschappen sluitend met lokale sjeiks. En ze deed uitgebreid archeologisch veldwerk. Toen de Ottomaanse provincies Baghdad, Basra en Mosul in het kader van de Britse koloniale politiek tot een nieuw Mesopotamisch mandaatgebied moesten worden samengevoegd, maakten de Britten dan ook graag gebruik van haar kennis en kunde.

Kaart met de daarop beoogde mandaatgebieden

De staatkundige lijnen die Bell en de Britten toen door de woestijn trokken, vormden de basis voor het huidige Irak, inclusief de structurele politieke problemen die deze regio sindsdien geplaagd hebben. Er ontstond een staat met een sjiitische meerderheid in het zuiden, destijds overheerst door een soennitische koning die van buiten kwam (en later dictator Saddam Hussein). In het noorden woonde een Koerdische minderheid, die helemaal niets op had met de rest van de bevolking, maar die ook toen al werd toegevoegd bij wijze van buffer en vanwege de rijke olievoorraden, waar de Engelsen graag gebruik van maakten.

Picknick met koning Faisal

Dat het project Irak vanaf het begin af aan een mislukking was, realiseerde Bell zich al in 1920. Toch bleef ze onder de corrupte nieuwe heersers het land trouw. Na een overdosis slaappillen stierf de uitgeputte, kettingrokende en door malaria geplaagde Bell in 1926 in Bagdad. Ze ligt er nog altijd begraven.

Het graf van Bell wordt nog altijd trouw bijgehouden

Wilt u meer weten over Gertrude Bell? Laat dan de geflopte film Queen of the Desert van Werner Herzog uit 2015, met Nicole Kidman in de hoofdrol, voor wat die is en kijk online naar de documentaire Letters from Baghdad (2016), met mooi beeldmateriaal en citaten uit haar dagboeken en vele brieven.

De online documentaire Letters from Baghdad (2016) bekijken. Klik dan op de volgende link: